Uitverkoren!

Efeze 1:4 Hij heeft ons immers in Hem uitverkoren vóór de grondlegging der wereld, opdat wij heilig en onberispelijk zouden zijn voor zijn aangezicht.

Lieve broeders en zusters,

Al voor wij geboren werden heeft Hij ons uitgekozen! Deze zin staat in één van mijn favoriete gedeelten in het nieuwe testament, Efeze 1. Paulus beschrijft daarin de ongelooflijk rijke positie die gelovigen hebben. En één van die aspecten is het feit dat God de Vader ons al voor de schepping in Christus heeft uitverkoren!

Als ik daar over nadenk, dan duizelt het me. Voor de grondlegging der wereld, wat betekent dat dan als het gaat om uitverkiezing, de rol van de vrije wil, de mogelijkheid om niet in te gaan op het aanbod van genade? Dergelijke vragen zijn vaak rationeel, verstandelijk. En interessant en wellicht zelfs noodzakelijk om diep over na te denken.

Maar de nadruk ligt niet op het uitpluizen van Gods alwetendheid en hoe de uitverkiezing werkt, maar op de genade dat we uitverkoren zijn om heilig te worden voor Hem! En dat is alles de genade van Jezus. Zijn sterven betekent alles voor ons. Niks kunnen wij aan onze positie kind van God bijdragen. Het is alles Zijn genade. We mogen gewoon ongelooflijk dankbaar zijn! Christus heeft ons gered, door zijn bloed geheiligd, apart gezet om heilig te leven, door de genade en kracht van God. En dan zijn we onberispelijk (een ander aspect van heiligheid) voor Hem. Beter wordt het niet!

Wat willen we doen komend seizoen, na de vakantie (waar de meesten van jullie nog middenin zitten)? Wat vraagt de baas, welke eisen stelt de school, wat heeft de overheid nog meer in petto aan regels? Komt er een zoveelste corona-golf? Wat moeten we dan weer doen of mogen we niet meer? De nabije toekomst is onzeker. Maar al die vragen en onzekerheden vallen weg in het licht van Gods genade: rust en vrede met onze Heilige Schepper die ons heilig heeft gemaakt en al vóór de schepping heeft uitverkoren! Hij houdt ons in Zijn hand. Halleluja!

Geplaatst in Nieuws | Getagged , | Een reactie plaatsen

Op weg naar Betel!

Genesis 28: 19  Hij gaf die plaats de naam Betel

Lieve broeders en zusters,

Binnenkort vertrekken wij naar camping (de) Bettel(d). Het is wellicht weinig origineel, maar ik moest denken aan Jakob, die op weg was naar zijn oom en ging slapen met zijn hoofd op een steen waarna de Here ’s nachts aan hem verscheen. Daarbij kreeg Jakob die fantastische belofte dat de Here hem het land zou geven en dat met zijn nageslacht alle geslachten van de aarde gezegend zouden worden. Een profetie over de komst van Jezus door wie alle mensen gezegend worden.

Zie Genesis 28 voor het vervolg: 16  Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker, ‘zei hij, ‘op deze plaats is de HEER aanwezig. Dat besefte ik niet.’ 17  Eerbied vervulde hem. ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit, ‘zei hij, ‘dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!’ 18  De volgende morgen vroeg zette Jakob de steen die hij als hoofdsteun had gebruikt rechtop, en wijdde hem door er olie over uit te gieten. 19  Hij gaf die plaats de naam Betel; vroeger heette het daar Luz.

Betel betekent “huis van God”. Jakob zag daar de plaats waar Gods ingang tot de hemel was. Wat een grote rijkdom dat wij nu mogen weten dat elke plek een Betel, een huis van God kan zijn. Want de Here woont daar waar men Hem binnenlaat. In het hoge en heilige en bij de nederige van geest. Jezus is de Weg. Immers Hij zegt in Joh.14: 6  ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij.

Dus of we nu in het gebouw zitten waarop staat dat “dit de poort naar de hemel is” (zoals de Hartebrugkerk), of bivakkeren op een camping die zichzelf huis van God noemt (en niet altijd een paradijs vol met wedergeboren mensen is…😉), of we zitten thuis op de bank of we lopen in de natuur: overal is een poort naar de hemel, overal kan een gezalfde plaats zijn. Want Jezus heeft ons thuisgebracht bij de Vader. Dus waar we ook zijn, altijd is er de verbinding met Hem. Laten we in dat besef ook in de vakantieperiode vasthouden. Op reis of niet op reis, we zijn altijd Thuis bij Vader. Maak van elke plek een Betel!

Geplaatst in Nieuws | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Weest geen slaaf!

Galaten 5: 1  Opdat wij waarlijk vrij zouden zijn, heeft Christus ons vrijgemaakt. Houdt dus stand en laat u niet weder een slavenjuk opleggen.

Lieve broeders en zusters,

Vorige week was er aandacht voor de vraag of er een nationale feestdag moet komen om de afschaffing van slavernij te vieren. Ook vanuit het christelijke erf was er aandacht voor die discussie waarbij het me opviel dat regelmatig een activistisch standpunt werd ingenomen. Het kwam op mij een beetje over alsof het een algemeen christelijk principe zou moeten zijn dat een christen vóór zo’n herdenking is.

Het spreekt voor zich dat slavernij extreme ellende heeft voortgebracht en we weten dat een deel van Neerlands rijkdom door slavenhandel is verkregen. Het is goed dat we daar open over zijn ookal is het iets dat al ruim 150 jaar of langer geleden is gebeurd. Wij moeten een flink aantal generaties terug om persoonlijke betrokkenheid te vinden. Toch moeten we erkennen dat de gevolgen van die slavernij ook nu nog doorwerken, in verschillen tussen rijk en arm bij de nazaten van slaven of slavenhandelaren of slavenbezitters. Maar soms zie ik ook wel een wat te ver doorgeschoten houding. Sommigen lijken de slachtofferrol met liefde nu nog op te nemen, zoals een columnist van Trouw verwoordde: “een posttraumatisch slaafsyndroom waaraan nazaten zouden lijden wordt aangepraat”. Anderzijds zijn er vele families waar de huidige generatie nog de financiële voordelen kent die in het verre verleden zijn behaald met bloedgeld. Het zou mooi zijn als men daarvan nu gelden laat terugvloeien naar moderne slaven en uitgebuiten.

Daden uit vorige generaties werken door in het heden. Maar wij moeten allemaal zelf onze verantwoordelijkheden nemen voor ons eigen gedrag. Dat betekent dat we ons vandaag de dag niet gedragen als overheersers, en ook niet als slaven. Maar dat wij leven als vrije zonen van de Koning, die kwam om in kracht te dienen. Heersend over zonde, levend als vrijgemaakten. Die niet weer onder het slavenjuk van zonde gaan leven. Niet met een minderwaardigheidsgevoel de slachtofferrol inkruipen wanneer ons iets vervelends overkomt. Maar ook niet ons beter vinden dan andere mensen, zoals buitenlanders, vluchtelingen, lager opgeleiden, provincialen, of juist randstedelingen (voor Friezen erg lastig…), etc.

Immers, Paulus zegt ons: Gal. 4:6  En, dat gij zonen zijt, God heeft de Geest zijns Zoons uitgezonden in onze harten, die roept: Abba, Vader! Een Zoon van God is geen slaaf van zonde.

Het risico is aanwezig dat als je je heel erg richt op het verleden, je de noden van het heden zou kunnen missen. Slavernij en wreedheid zijn niet weg, maar in een ander jasje teruggekomen. Voor al deze slaven is Jezus gekomen, voor de letterlijke slaven zoals de kindslaven in India nu. En voor de figuurlijke slaven, zoals de naar erkenning zoekende workaholic, de aan verdovende middelen verslaafde gebruiker, of de bevestiging zoekende tiener. Het lijkt me nuttig om daar aandacht aan te geven, en belangrijker dan alleen het herdenken van het verleden.

Geplaatst in Nieuws | Getagged , | Een reactie plaatsen

Doelgroepenbeleid?

1 Johannes 2: 14b Jongeren, u schrijf ik: u bent sterk, het woord van God blijft in u, en u hebt het kwaad overwonnen.

Lieve broeders en zusters,

De apostel Johannes spreekt in zijn brief diverse groepen aan: kinderen, ouderen, vaders, en jongeren.

Is de boodschap voor de ene groep dan niet van belang voor de andere groep? Ik denk dat dat een te harde stelling is. Het doelgroepenbeleid van Johannes laat vooral zien dat hij benoemt wat een bepaalde groep meer nodig heeft en precies dat benadrukt.

Hij schrijft in 1 Joh.2: 12  Kinderen, ik schrijf u dat uw zonden u vergeven zijn omwille van zijn naam. 13  Ik schrijf u, ouderen: u kent hem die er is vanaf het begin. Ik schrijf u, jongeren: u hebt hem die het kwaad zelf is overwonnen. 14  Kinderen, ik schrijf u dus dat u de Vader kent. Ouderen, u schrijf ik: u kent hem die er is vanaf het begin. Jongeren, u schrijf ik: u bent sterk, het woord van God blijft in u, en u hebt het kwaad overwonnen. 15  Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief.

Ik zie daar iets van een oplopende boodschap in. De kinderen moeten vooral weten dat hun zonden vergeven zijn, de ouderen moeten de Heer al steeds beter hebben leren kennen. En de jeugd moet vooral weten dat zij sterk zijn door Gods Woord en hoeven daar niet aan te twijfelen. Want juist de jeugd wordt aangevallen in hun gevoel van eigenwaarde. Onzekerheid is te vaak de overheersende emotie bij pubers die bezig zijn hun identiteit te vinden. (En helaas worstelen velen van ons daar ook na de puberteit nog mee.) Ook in hun geloofsleven speelt dat een rol.

Pubers, jullie zijn sterk! Want als je het Woord van de Heer toelaat, en laat blijven heersen, dan heb je overwonnen. En kun je doorgaan met het overwinnen van alles wat niet strookt met de wil van de Heer, anders gezegd: de wereld niet liefhebben maar de zuigkracht van de zonde in de wereld overwinnen.

Hoe belangrijk is dat niet in deze tijd voor ons allemaal: de wereld niet liefhebben. En ouderen: jullie moeten hen daarin steunen. Wij moeten hen steunen! Onderscheidingsvermogen aanleren.

Support de jongeren en kinderen. Zie dat er strijd is om hun ziel. Moedig ze aan op de geestelijke weg. Bid voor hen. Zegen hen. Moedig hen aan!

Een manier hiervoor is om zaterdag naar de jeugddienst te komen en hen te laten merken dat ze waardevol zijn in Gods ogen en in onze ogen! Tip: neem maar eens wat lekkers voor hen mee!

Geplaatst in Nieuws | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Gods tijd!

Handelingen 7: 25  Hij meende, dat zijn broeders zouden inzien, dat God hun door zijn hand verlossing wilde geven, maar zij zagen het niet in.

Lieve broeders en zusters,

Stefanus verkondigt vol vuur het evangelie en wordt onder valse beschuldigingen voor de Raad gesleept. Hij staat voor de Raad en zij zien tijdens zijn betoog zijn gezicht stralen als van een engel en zijn niet in staat hem te weerspreken. Ze zien het, horen het maar luisteren niet. Erger nog, ze vermoorden Stefanus!

In zijn schitterende betoog verwijst hij naar Mozes, de redder van Israël. We lezen in Hand.7: 22  En Mozes werd onderwezen in alle wijsheid der Egyptenaren en was machtig in zijn woorden en werken. 23  Toen hij nu de leeftijd van veertig jaar bereikt had, kwam het in zijn hart op, naar zijn broeders, de kinderen Israëls, om te zien. 24  En toen hij er een onrechtvaardig zag behandelen, beschermde hij hem en nam het voor hem op, die mishandeld werd, door de Egyptenaar neer te slaan. 25  Hij meende, dat zijn broeders zouden inzien, dat God hun door zijn hand verlossing wilde geven, maar zij zagen het niet in.

Mozes ervoer al vroeg de roeping om voor het volk Israël op te komen. Maar het volk wilde hem niet. Pas veertig jaar later stuurde God hem  om het volk te bevrijden. Zijn roeping was juist, maar pas op het moment dat God bepaalde kon Mozes zijn roeping gaan uitvoeren.

Stefanus hoorde Gods roepstem; hij sprak maar het volk wees hem af en Stefanus werd erom gedood. Mozes hoorde Gods roepstem, maar het volk wees hem af en Mozes moest vluchten; maar God plaatste hem 40 jaar later alsnog op die plek van leider van het volk.

Het is lastig te onderkennen wat we wanneer mogen doen of spreken. Soms ervaren wij Gods roepstem, maar als we er direct daden aan verbinden lijken die toch niet vruchtbaar te zijn. Het is dan misschien nog niet Gods moment om te handelen. Gebed en afstemming op de Heilige Geest is nodig om zijn wil op het juiste moment te doen.

Bidt jij / u mee dat wij als gemeente Gods stem voor ons verstaan?

Geplaatst in Nieuws | Getagged | Een reactie plaatsen